Ga naar de hoofdinhoud Ga naar de zoekopdracht Ga naar de hoofdnavigatie
27-01-2026

Moeilijk lasbare staalsoorten - Deel 2

Dit artikel is afkomstig van Lincoln Smitweld en is geschreven door Fred Neessen.  

In dit artikel vind je het 2e deel over moeilijk lasbare staalsoorten. Volgende maand deel 3 en tevens het afsluitende deel.  

>>Ga naar deel 1

Inhoud

Reparatielassen 

  • Materiaal 
  • Defecten 

Reparatie methode(n) versus staalsoort

Reparatielassen

Waar, wanneer en wat voor reparatielassen uitgevoerd moeten worden is van te voren moeilijk voorspelbaar. Voor ongeveer 80% van alle reparaties van bijvoorbeeld breuken of locale aantastingen gelden de volgende condities:

Materiaal 

  • Hoeklassen en stompe lasnaden in constructiestaal (vermoeiingsscheuren, roest) roestvaststaal (locale aantasting) 
  • Gietijzer (breuken) 
  • Aluminium gietwerk (breuken) 
  • Lasuitvoering 
  • Lassen met beklede elektroden, kan overal en altijd worden toegepast
  • Lassen in alle posities, is doorgaans gewenst 
  • Voorverwarming, is niet altijd uitvoerbaar maar is meestal wel noodzakelijk 

In eerste instantie dient de oorzaak van het falen van de constructie te worden vastgesteld. Daarna moet beoordeeld worden of reparatielassen wel goed uitvoerbaar is. Het basismateriaal zal dan, eventueel met speciale maatregelen, ''lasbaar'' moeten zijn. Wanneer reparatielassen aan de orde komt, dient een ''uitvoeringsplan'' gemaakt te worden.

Een checklist voor zo'n plan omvat veelal de volgende aspecten: 

Defecten 

  • Indien mogelijk verwijder de oorzaken die geleid hebben tot de schade. 
  • Basismateriaal: probeer vast te stellen om welk type basismateriaal(en) het gaat en bepaal vervolgens de noodzakelijke voorwarm- en interpass temperatuur. Verwijder het defect en eventuele vervuiling. 
  • Lasnaadvoorbewerking: Kies de juiste lasnaadvorm, zodanig dat de gewenste inbranding en/of doorlassing uitgevoerd kan worden danwel dat er een las gemaakt kan worden die vrij is van ongewenste insluitingen en poreusheid. 
  • Lasproces: kies het meest geschikte lasproces, veelal zijn beklede elektroden goed toepasbaar en hebben het voordeel van bijvoorbeeld een basische slak. Lees hier meer over de verschillende lasprocessen. 
  • Lastoevoegmaterialen: kies de juiste lastoevoegmaterialen die afgestemd zijn op de soort reparatie en het te stellen eisenpakket, zie tabel 1.

Tabel 1. keuzetabel voor reparatielassen in verschillende materialen (vereenvoudigd model) voorbeklede elektroden.


Basis materiaal
Beklede elektrode
Opmerking
ongeleg. constructiestaal
hoger vast construc.-
staal
laaggelegeerd / hoogvast
C-eq <0,40
Re <450
N/mm2
Re <600
N/mm2
starre constructies
pantafix
Baso G, Conarc 49C Conarc
70G

Kardo
voorwarmen grondlagen beperkt voorwarmen
Hoog
koolstofhoudend
staal
0,2 < C< 0,4%
RepTec 29
RepTec 126
voorwarmen hardheid W.B.Z
200-300°C
roestvaststaalAISI 304, 316(L) alsmede Ti of Nb gestabiliseerdRepTec 210 voorwarmen i.v.m
hittebestendig CrNi-staal Si < 1,5%Si ; 1,5% Al en Ti < 0,2% RepTec 46 Ti < 100°C
roestvaststaal aan on- of laaggelegeerd staal

RepTec 126 en
RepTec 29
Ti < 150°C
14% Mn slijtvaststaal RepTec 126 koud lassen
pantser staal
RepTec 126
voorwarmen
NiCr- legeringen en
3,5 - 5- 9% Ni- staal
RepTec 7Ti < 100°C
NiCu- legeringenRepTec 5Ti < 100°C
grijsgietijzer en
nodulair gietijzer
RepTec Cast 1
RepTec Cast 31
Beperk warmte- Inbrengen + hameren
aluminiumbrons aluminium kneedlegeringen aluminium gietlegeringenRepTec Cu 8
RepTec AISi 5
RepTec AISi 12
Ti = tussenlaag temperatuur
(interpass)
Lees in dit artikel meer over hoe lastoevoegmateriaal kunnen helpen bij het creëren van een optimale verbinding.

Reparatie methode(n) versus staalsoort

Het is natuurlijk ondoenlijk om alle staalsoorten met hun handelsnamen te benoemen. In tabel 2 zijn de staalsoorten onderverdeeld naar toepassing tevens is de meest bekende DIN- aanduiding genoemd. Verder is in de tabel opgenomen een kolom 'opmerking' en een kolom voor het kiezen 'lastoevoegmateriaal'. 

Het is begrijpelijk dat de gegeven adviezen slechts richtlijnen kunnen zijn. Het geven van een eenduidig advies is onmogelijk als niet alle details bekend zijn. Elke toepassing vereist zijn eigen aanpak.

De meeste staalsoorten uit tabel 2 hebben een vrij hoog koolstofgehalte, c.q. koolstofequivalent, hetgeen wil zeggen dat ze niet zondermeer lasbaar zijn. Bij een koolstofgehalte van 0,6% moet men het verbindingslassen eenvoudig vergeten. 

Tabel 2. Overzicht staalsoorten

Toepassing
DIN- aanduiding
Opmerking
Lastoevoegmateriaal
Staalconstrcuties, scheepbouw bruggen, etc.St 37 - St 52,- C22 St 52,3 - FeE 355laag koolstof, goed lasbaarAfhankelijk van staal type,
eisen pakket en toepassing.
van Supra tot Kryo 2
Bruggen, Offshore, etc.FeE 420 - FeE 450 FeE 500 - FeE 690goed lasbaar mits!!Van Kryo 1 tot Conarc 85
Assen
Assen
Rails
St 50 / C 35*
St 660 / C45*
St 70 / C60 etc.*
goedkoop en koudbros,
maar matig tot niet lasbaar
Baso, Conarc, Kyro, Nichroma + Jungo 307,
Limarosta 312
Assen, tandwielen, slijtvast,
maalkogels, slijtplaten.
30Mn4 - 36Mn5 * 60Mn3 - 85Mn3 * 42MnV7 - 51MnV7 * 65Mn4* - X120Mn12allemaal moeilijk lasbaarConarc 60G, 70G, etc.;
Jungo 307, Nichroma, Limarosta 312,
Jungo 307
Assen etc.42Cr4 *
42CrM04 * (VCMO 140)
als C45, doch betere kwaliteit idemConarc 49C, SL 19G, Nichroma, Limarosta 312,
Jungo 307
Verenstaal, warm vervormd38Si2 - 60Si738Si2 ploegenstaal,
taai
en veredeld
Jungo 307
Jungo 312
Bladveren, koud gewalst
Verenstaal, koud gewalst
46Mn7 - 50Mn7
C67 (pb) - C75(pb)
(pb) goed verspaanbaarLimarosta 312, Jungo 307,
Arosta 329 NIET LASBAAR
Messen, verenstaal, hydraulic zuigerstangenX30Cr13 tot X46Cr13 *Limarosta 312, NiCro 70/19
NiCro 60/20
Vijl
Grasmaaiers (autom.)
Zeisblad (hand) Beitel
Roterende eg- tanden
Aandrijf assen/onderdelen Koppelingen, zwaar belast
Slijtvaste machine Onderdelen Kettingen
70-Cr2
75Crl
St 37
59CrV4
90Mn4
17CrNi66
13Nicr6 - 31NiCr14 20MnCr53 - 28MnCr43

27MnSi5 - 21Mn4Al
(hameren + wetten)

inzet staal veredelbaar

gelaste uitvoering
NIET LASBAAR
NIET LASBAAR

NIET LASBAAR
NIET LASBAAR


NIET LASBAAR
Grijs gietijzer Smeedbaar gietijzer Nodulair gietijzer GietstaalGG 10 - GG 35
GTS-35-10
GTW-S-38-12
GGG 40/50/60
GS 38/45/52
RepTec Cast 1/31 RepTec Cast 1/31 RepTec Cast 1/31 RepTec Cast 31/1 Baso, Conarc 49C

Oplassen - op beperkte schaal - is nog wel mogelijk, maar alleen als de krimpspanning van het lasmetaal omgezet wordt in een drukspanning. Het radicaal (dwars op de lengte richting) oplassen van assen is hier een voorbeeld van. De oplassing krimpt als het ware op het onderliggende staal. 

Ons probleem bij het lassen van onder andere de in tabel 2 genoemde staalsoorten, ligt geheel in de hoge hardheid van de overgangszone. Naast de las ontstaat er een zeer harde, brosse zone. Indien de krimpspanning van de las een te hoge waarde bereikt, zal de las zich van het staal lostrekken, er zitten dan vaak al hardingsscheurtjes in de overgangszone. Is de lasdoorsnede gering? Dan zal de las door de krimp zich zelf mechanisch overbelasten en scheuren. Voor de eenvoudige CMn- stalen als C45 of bijvoorbeeld 42MnV7 (in de volksmond vaak ten onrechte mangaanstaal genoemd), zie tabel 3, is de kans hierop erg groot. Bij typen met legeringselementen wordt dit iets minder. Toevoeging van nikkel, molybdeen, chroom of mangaan maakt de doorharding groter, de hardingsstructuur wordt als het ware homogener en zal daardoor minder beïnvloed worden door toevallige lasomstandigheden. Verder geldt: hoe dikker het staal, hoe groter de afkoelsnelheid van het lasmetaal, en dus des te groter het probleem. 

Tabel 3. Chemische samenstelling van enkele populaire staalsoorten

St 50-2 (1.0050
)
St 60-2 (1.0060
)
St 70-2 (1.0070)
St 52 (1.0580
)
St 52,3 (1.0570)
42MnV7 (1.5223
)
(G)-X120Mn12 (1.3401
)
(G)-X120Mn13 (1.3802)
C<0,40<0,50<0,65<0,22<0,220,38-0,451,1-1,31,1-1,3
Mn0,20-0,500,20-0,500,20-0,50<1,6<1,61,6-1,912,0-13,011,5-13,5
Si0,03-0,300,03-0,300,03-0,30<0,55<0,550,15-0,350,30-0,50<0,50
P<0,050<0,050<0,050<0,050<0,040<0,035<0,100<0,100
S<0,050<0,050<0,050<0,050<0,040<0,035<0,040<0,030
Cr<1,5<0,050
V0,07-0,12